Angst op hoge hakken

De dingen altijd perfect willen doen lijkt een mooi streven, maar is in feite een instinker.

Ruim vijfentwintig jaar geleden schreef ik mijn allereerste artikel voor het tijdschrift Elegance. Ik kende de toenmalige hoofdredacteur en hij gunde mij een kans. Ik vond het doodeng, maar het artikel werd geplaatst en vanaf dat moment kwamen er al snel andere opdrachten. Je zou denken dat het schrijven me nu - na al die jaren - wel makkelijker af zou gaan, maar niets is minder waar.

Schrijven deed ik als kind al graag. Dagboeken vol. Dat doe ik nog steeds, maar op het moment dat ik een artikel in opdracht schrijf, en daarom wordt beoordeeld, doemt er vaak een verlammende angst in me op. Eentje die ervoor zorgt dat ik het werk behendig voor me uitschuif totdat de druk van de naderende deadline ervoor zorgt dat ik wel móet. Omdat dit me te veel stress kost, beloof ik mezelf telkens weer dat ik de volgende keer eerder begin.

Inmiddels ben ik erachter wat er aan de hand is: mijn drang tot perfectionisme. Dat klink wel mooi en lijkt wellicht een onschuldig en prachtig streven, maar dat is het allerminst. Het is hét perfecte excuus om niet vooruit te komen in het leven. Die miss Perfecta in mij is een draak van een mens, die zich zodanig heeft vermomd dat je niet kunt zien dat het gewoon angst is. ‘Angst op hoge hakken’ zoals schrijfster Elizabeth Gilbert het zo treffend weet te benoemen. En ook de Duitse dichter Rilke vergelijkt angst met een draak. Volgens hem is het de bewaker van je grootste schat: namelijk die van je ware zelf. Je pure kern, die al vrij, heel en volmaakt is en daardoor geen enkele beperking kent.

Heel wat middelen en strategieën heb ik gebruikt om miss Perfecta een kopje kleiner te maken. Dat hielp dan wel even, maar net zoals het monster in een tekenfilm kwam ze altijd weer tot leven. Maar onlangs heb ik iets ontdekt waardoor ze is gaan dimmen. Dat gebeurde tijdens een introductieavond van ‘Het Echte Verhaal’ bij Great Communicators, waarvoor ik door een vriendin was uitgenodigd. Ze had me al een tijdje zien stoeien met het schrijven van een boek en een blog en vond dat ik mijn verhaal maar eens moest gaan vertellen. Wellicht dat de boel daardoor meer zou gaan stromen.

Die avond deden we al wat praktische oefeningen met als doel het verhaal in ons aan te wakkeren. Tijdens de eerste oefeningen voelde ik direct een sprankelende energie in me naar boven borrelen. Mijn verhaal drong zich heel duidelijk op. Door de oefeningen werd het als het ware wakker geschud. Het stond trappelend aan de poort om naar buiten te komen! En toen er tegen het eind van de avond werd gevraagd wie alvast zijn of haar verhaal voor een deel wilde delen, hoorde ik mezelf ineens ‘ik!’ roepen voordat ik er ook maar over had nagedacht. Ik had er zelf kennelijk niet zoveel meer over te zeggen, mijn verhaal wilde spreken.

Toen ik plotseling voor de groep stond kon ik de angst nog voelen. Maar in plaats van dat deze me verlamde, ervoer ik het nu als een soort motortje op de achtergrond. Het borrelende gevoel nam de leiding en ik keek als het ware toe. De woorden rolden eruit. Enthousiast en gefocust. Alsof er niets anders meer bestond. En natuurlijk was het nog niet perfect! Maar hé, wat is perfect?

Perfect is wanneer het authentiek is en dus écht! Als een uniek kunstwerk omdat niemand jouw verhaal zo heeft beleefd als jij. En daarom ook alleen op jouw eigen wijze naar buiten kan komen. Dat werd me die introductieavond overduidelijk en daarom besloot ik de training te gaan volgen.

De eerste trainingsdag werd ons in plaats van het bekende voorstelrondje, gevraagd om te vertellen over een ooit gemaakte blunder. Het leuke daarvan is dat we direct met een eigen en kwetsbaar verhaal kwamen, waardoor het ijs meteen was gebroken en de kracht van kwetsbaarheid me direct weer zo duidelijk werd.

Wij mensen zitten vol verhalen. Ons brein denkt ook in verhalen en is er altijd naar op zoek. Vooral in deze tijd van individualisering hebben we steeds meer behoefte aan echte verhalen. En het liefst live, want op schermen kijken we al genoeg.

Maar ook al heb je een fantastisch verhaal, het moet mensen wel raken. Een verhaal valt of staat met de manier waarop het wordt verteld, met als basis natuurlijk de inhoud en de volgorde. Tijdens de training analyseerden we vele briljante, ontroerende en krachtige verhalen. Van onder meer Steve Jobs, Obama, J.K. Rowling en Al Pacino. Ieder verhaal was natuurlijk anders, maar we waren vooral op zoek naar de overeenkomsten, namelijk de vaste elementen waar ieder goed en pakkend verhaal aan moet voldoen.

Met de vele praktische tools en inzichten gingen we ons verhaal vervolgens volledig uitschrijven. En ja hoor, daar was ze weer: mijn miss Perfecta die ervoor zorgde dat ik het schrijven weer dágen voor me uitschoof. Ineens dacht ik weer aan die introductieavond en het enthousiasme dat ik toen voelde. Ik ben toen letterlijk voor mijn bureau gaan staan en ben mijn verhaal aan mijn dictafoon gaan vertellen. Toen kwam het zomaar weer min of meer moeiteloos naar buiten. Het is me duidelijk geworden dat ik kennelijk toch makkelijker spreek dan schrijf. Wanneer ik spreek, ben ik meer gefocust en in het moment, waardoor mijn miss Perfect nauwelijks de kans krijgt om me te dwarsbomen Ze krijgt er letterlijk geen woord tussen. Eureka! Sorry miss Perfecta.