Yeboah Adams (Ghanees),
ex-bewoner van Groeneveen

“Het is niet eenvoudig om me weer alles precies voor de geest te halen. De gebeurtenissen lopen als grillige draden door elkaar heen. Ik woonde bij mijn tante en haar kinderen in de flat Groeneveen. Die zondag ging ik met Attah Cole, m’n beste vriend, tafeltennissen in het café in de binnenstraat. Toen is het gebeurd. Het gebeurde snel. Ik hoor nog die explosie, zie het vuur en voel weer die onbeschrijfelijk hevige angst. Ik wist niet wat het was. Het was alsof de werkelijkheid van het moment gewoon niet tot me doordrong. Ik ben gaan rennen en Attah ook. Omdat we aan weerszijden van de tafel stonden, renden we ieder een andere kant op. Dat was de laatste keer dat ik hem heb gezien…hij rende de dood in.

Image

Yeboah Adams

Ik naar onze flat. Het was er één grote chaos, niets was meer heel, alles kapot. Ik trof ook niemand meer aan. Toen ben ik van één hoog naar buiten gesprongen en naar de brug tegenover de flat gerend. Daar heb ik enige tijd als verdoofd naar alle chaos staan staren. Vlammen, rook en overal mensen die liepen te gillen. Langzamerhand besefte ik wat er gebeurd was. Het was alsof ik ieder moment uit deze nachtmerrie kon ontwaken. Ook leek het alsof de hulpverlening maar heel langzaam op gang kwam. Achteraf bleek dat mijn perceptie te zijn; seconden leken uren. Later vernam ik dat de plaatselijke sportschool als opvangcentrum was ingericht. Ik wilde natuurlijk weten of mijn familie zich daar bevond, maar omdat ik geen verblijfsvergunning had, durfde ik er niet naar toe te gaan. Uit angst om door de mand te vallen. Daarom ben ik maar wat blijven rondlopen. Een bekende heeft me op een zeker moment meegenomen naar het Novotel. Daar konden we overnachten. Ik ben er die nacht gebleven. Niet langer, want ook hier was ik bang dat ze me zouden pakken. De dagen daarna heb ik her en der rondgezworven. Af en toe kon ik ook bij bekenden terecht. Enkele dagen later kwam ik mijn tante zomaar op straat tegen. Dat was een onvergetelijk moment. De rest van mijn familie had de ramp gelukkig ook overleefd.

Ik ben blij en dankbaar dat ik nog leef. Maar deze ramp heeft mij voorgoed veranderd

Na vele omzwervingen heb ik tenslotte een eigen woning toegewezen gekregen, maar ik had nog steeds geen legale status. Daarna werd mijn uitkering ineens stop gezet. In die periode stierf ook mijn vriendin plotseling aan een hartstilstand. Zomaar, in mijn armen. …Hoeveel meer kon ik doorstaan? Ik had het gevoel dat alles en iedereen me in de steek had gelaten. Zelfs mijn gezondheid. Sinds de ramp heb ik ademhalingsproblemen en kan ik me slecht concentreren. Daarnaast heb ik ook last van nachtmerries en raak ik in paniek van laagvliegende vliegtuigen. Gelukkig vond ik nog wel steun bij de Ghaneese stichting Sikhaman. Na vele pogingen heb ik nu toch een verblijfsvergunning gekregen. Ook ben ik in aanmerking gekomen voor de vierduizend gulden van de Stichting Hulpfonds. Dat heeft me weer wat op weg geholpen. Tegenwoordig verricht ik weer wat schoonmaakwerkzaamheden. Ik heb ook een nieuwe vriendin met wie ik een prachtige zoon heb gekregen. Ja, het gaat beter met me. Mijn vrienden zeggen alleen dat ik nooit meer de oude ben geworden. Dat is ook zo. Ik ben dankbaar dat ik nog leef, maar deze ramp heeft mij voor altijd veranderd.”