Threes Anna

Threes Anna (pseudoniem van Threes Schreurs, 43) was jarenlang artistiek leider van het internationale theatergezelschap Dogtroep. Het plotselinge overlijden van haar levenspartner verandert haar leven drastisch en inspireert haar tot het schrijven van haar debuutroman ‘De kus van de weduwe’. Hierin beschrijft ze niet alleen haar pijn, maar ook haar dromen, waarin ze ondanks alles blijft geloven.

Waar geloof je in?
Ik geloof dat wij onderdeel zijn van één groot geheel en het grote geheel onderdeel van ons. Alles in het universum is één en bestaat uit dezelfde energie en wanneer iemand sterft wordt diegene weer opgenomen in deze energie en wisselt alleen de vorm. Ik geloof niet dat we weer als een ander mens op de wereld komen. Geboren worden is volgens mij een eenmalige en toevallige gebeurtenis. Maar als mens met die ene ‘ik-energie’ kan je wel beïnvloeden welke kant je leven opgaat. Als mens zet je lijnen uit, waar de energie van het universum weer op inspeelt. Zodoende geloof ik ook dat de dingen met een reden gebeuren.

Geloof je dan ook in een reden voor het overlijden van je geliefde?
In het begin natuurlijk niet. Toen Marco overleed, ging ik door een regelrechte hel. Ik werd verscheurd door verdriet, voelde de pijn in iedere cel van mijn lichaam. Door zo’n gebeurtenis wordt je geloof verschrikkelijk op de proef gesteld. Maar op een gegeven moment – al vrij snel -  begon ik te beseffen dat het klopte. Ik voelde dat een mens veel meer kan hebben dan hij denkt en dat je door verdriet en pijn heen in je kracht kunt komen.

Hoe ben je tot dit inzicht gekomen?
Toen mijn moeder overleed, kon mijn vader kracht putten uit zijn katholieke geloof en de gedachte dat zij nu in de hemel was en geen pijn meer had. Ik vond dat heel fijn voor hem, maar ik had niks met het katholieke geloof en heb ook nooit geloofd in een hemel, dus waar moest ik kracht uit putten?!

In mijn boek lees je dat de ik-figuur er op een gegeven moment achter kom dat we allemaal ‘passanten’ - voorbijgangers - zijn. Soms kennen we elkaar tachtig jaar, soms maar een fractie van een seconde. We zijn losse individuen en van bepaalde ontmoetingen leren we. Die leiden dan naar een volgende stap in ons leven en hebben daarom een reden gehad. Ik besef me dat Marco ook zo’n ‘passant’ was in mijn leven. Een hele belangrijke. Hij komt nooit weer langs, maar hij heeft me verder gebracht. Ik ben zijn dood als een kado gaan zien.

Wat heb je met dit cadeau gedaan?
Het heeft me verrijkt als mens. Tot zijn dood leidde ik het leven van een typisch zondagskind. Mijn leven liep als een tierelier en ik stond niet zo stil bij de dingen. Nu doe ik dat veel vaker en ben ik het leven anders gaan zien. Het heeft me ook verrijkt in mijn  werk als kunstenaar. Ik raakte ineens delen in mezelf aan waar ik daarvoor nog nooit was geweest. ‘De kus van de Weduwe’ had ik zonder deze ervaring ook niet kunnen schrijven. De ochtend van de dag waarop hij overleed,  was ik net begonnen aan een eerste ruwe versie voor mijn eerste film. Deze film en zijn overlijden zijn voor mij onlosmakelijk met elkaar verbonden. Hierdoor ben ik tot dieptes kunnen gaan die ik daarvoor niet kende. Dat is echt een groot geschenk.

Men zegt toch vaak dat een kunstenaar moet lijden ten behoeve van de kunst?
Ach, dat vind ik altijd zo’n onzin! Levenservaring is iets anders dan lijden. Levenservaring brengt begrip en inzicht. Het voegt iets toe. Bij lijden denk ik direct aan een slachtoffer en dat weiger ik te zijn. Ik kan intens van het leven genieten en als ik aan het werk ben - vaak in het buitenland - dan zorg ik voor goede omstandigheden om me heen. Maar het is wel waar dat mijn verdriet mij en mijn werk heeft verdiept.