Shireen Stroker

Shireen Strooker is actrice, theatermaker en regisseur.  Ze was één van de oprichters van het Werkteater (1970-1987), dat een belangrijke bijdrage leverde aan het Nederlands toneel. Haar levenspartner, multi-kunstenaar Bram Vermeulen, overleed nog geen twee jaar geleden. ‘Alles heeft zo moeten zijn en heeft een betekenis.’

Waar geloof je in?
“Om te beginnen in de kracht van íeder mens waar hij altijd toegang tot kan krijgen. En ook in de oneindigheid, het onsterfelijke, de ziel die blijft voortleven. Ik geloof in de liefde als ultieme vorm van die bezieling. Alles draait om liefde en bij gebrek hieraan gaat het fout. Dan gaan we aan elkaar voorbij en worden we geregeerd door angst en haast. De mensen nemen nauwelijks nog de tijd om bij het leven stil te staan. Ze racen door het leven. Alsof ze zich in een tunnel bevinden die zich langzaam vernauwt waardoor ze meer en meer bekneld raken. In de politiek merk je dat de angst overheerst. Alles wat niet in het bekende straatje past en daarom afwijkt is bij voorbaat al verdacht. Zoals die drie alternatieve artsen van Sylvia Millecam die zijn veroordeeld. Als zij voor de reguliere weg had gekozen en uiteindelijk ook was overleden, had niemand daar ooit nog iets over gehoord. Dit zijn pure heksenjachten. Uitgevoerd door achterdochtige, bange mensen met een beperkte visie. Ook zo’n jongen als Robbert van den Broeke die door de Stichting Skepsis zomaar wordt afgedaan als een oplichter. Ik ken hem niet persoonlijk, maar volg hem al vanaf zijn zestiende. Ik weet waar hij en zijn ouders doorheen zijn gegaan. Hoe angstig en moeilijk het is geweest om  ‘dingen’ te zien die anderen niet kunnen zien, laat staan begrijpen.”

Begrijp jij wat hij ziet?
“Wat hij onder andere ziet zijn vormen van bewustzijn, zogenaamde [orbs], lichtbolletjes van verschillende kleuren. Hier wordt al lang degelijk en wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Ik – en later Bram ook - ben al jaren in de leer bij de ‘Ramtha School of Enlightment’. [ ‘Making known the unknown]’ is hun stelling. Daar heb ik geleerd dat álles zich afspeelt in het ‘informatieveld’ – ook wel [Zero Point Field] genoemd. De film ‘What the bleep do we know?’ vind ik een heel sympathieke poging om deze ingewikkelde materie op tamelijk eenvoudige wijze uit te leggen. De film maakt duidelijk dat iedere situatie in je leven wordt opgebouwd uit ontelbare kleine deeltjes en hoe je daar zelf invloed op kunt uitoefenen. Een mens is daarom in staat om zijn eigen werkelijkheid te creëren, zijn eigen leven te bepalen.”

Alles draait om liefde en bij gebrek hieraan gaat het fout. Dan gaan we aan elkaar voorbij en worden we geregeerd door angst en haast.

En ook zijn eigen dood?
“Ik geloof dat een mens sterft wanneer zijn taak hier op aarde is volbracht. In het geval van Bram kan ik dat alleen maar beamen. Ondanks dat hij nog duizenden plannen had, was hij in wezen klaar, denk ik. We lazen en spraken veel over de dood. Hij was er ontzettend nieuwsgierig naar. Na zijn dood vond ik zijn laatste manuscript, ‘Rust!’, dat hij had achtergelaten op mijn computer en dat inmiddels als boek is uitgegeven. Hij had daar nooit iets over gezegd. Hij moet het onbewust geweten hebben. Dat kan niet anders.”

Hoe is het om dé liefde in je leven te moeten verliezen?
“Het is met niets te vergelijken en daarom ook nauwelijks te omschrijven. Bram en ik waren samen in Italië en ik was een dag eerder vertrokken voor de laatste opname van de televisieserie ‘Ik ben Willem’. Het was een feestelijke buitenopname en die dag prachtig weer. Dat vertelde ik hem ook op het antwoordapparaat want hij nam niet op. ‘Tot vanavond,’ zei ik nog. Daarna kwam het bericht door. Hij had een hartaanval gehad en was in zijn slaap overleden. Ik zat op de grond, terwijl ik de haren uit m’n hoofd trok. Ik voelde dat ik werd vastgehouden door meerdere mensen. Daar was ook een meisje bij met heerlijke, zachte armen. Ik weet nog dat ik daar heel hard in geknepen heb. ‘Voor vanavond ben ik ook dood!’ hoorde ik mezelf alsmaar roepen. Maar je ziet, ik ben er nog. Het is toch weer die kracht - die ook in mij zit - waardoor ik heb overleefd. Daarbij ervaar ik Bram voortdurend om me heen. Er zijn zoveel tekens. Hij is niet echt weg. Gelukkig is er ook nog veel om van te genieten en om dankbaar voor te zijn. Zoals mijn kinderen, stiefdochters en kleinkinderen. Kijk, hier is een foto van m’n laatste kleinkind Jonas; de zoon van mijn zoon. Toen ik hem voor het eerst zag, keek hij me aan met z’n prachtige grote ogen en een blik van ‘Waar ken ik jou van?’. Ik had precies hetzelfde gevoel.
Verder ben ik heel dankbaar voor mijn werk. Daar kan ik veel in kwijt en ik krijg er ook veel voor terug."

Wat is één van je meest bijzondere werkervaringen geweest?
“Begin jaren zeventig werkten we met het Werkteater aan een project over misdaad in het Huis van Bewaring. Ik was daar zo van onder de indruk en heb daarom voorgesteld om met gevangenen te werken. Dat voorstel werd positief ontvangen. Ik heb gewerkt in de Bijlmerbajes en later ook in het Pieter Baan Centrum. We deden met name improvisaties. Ik heb er hartverscheurende en hartverwarmende situaties meegemaakt. Er zaten heel markante en bijzondere types bij. Altijd al heb ik me aangetrokken gevoeld tot mensen met ‘afwijkingen’ en mensen die zich aan de rand van de maatschappij bevinden. Ik vind het boeiend om achter het kwaad te kijken. Te ontdekken wat erachter zit. Door zo vrij en open met die gevangenen te werken ben ik het meer gaan begrijpen.” 

Waar hoop je op?
“Dat er een moment komt dat mensen wakker worden en meer gaan zien dat niet alles is zoals het eruit ziet. En er geen plaats meer is voor cynisme, hebzucht en veroordeling van het onbekende. Dat we het op een dag allemaal wat beter gaan begrijpen, want álle kennis is te vinden.”