Wintergeluk

I DID IT! Mijn reis naar down under is goed en wel achter de rug! Toen de wielen van mijn vliegtuig de vertrouwde Schiphol landingsbaan raakten voelde het alsof ik geslaagd was voor een examen. Raar maar waar. Ik ben gewoon geen ‘happy-flyer’ en naar de andere kant van de wereld vliegen stond om die reden nou niet bepaald hoog op mijn verlanglijstje. Australië met vriendin A. maakten alles echter weer goed. Wat ’n continent, zoveel ruimte en natuurschoon! Je wordt er spontaan gelukkig van en het verklaart waarom de mensen er ook zo vriendelijk, behulpzaam en relaxed zijn. Dat zou natuurlijk ook aan het weer kunnen liggen. In Sydney schijnt de zon gemiddeld zo’n 240 dagen per jaar. Acht lange maanden zonneschijn! En dát is wat mij betreft ook direct het grote nadeel, want van zóveel zon, dáár word ik nou chagrijnig van! Ik weet het - bijna niemand begrijpt het – maar ik kan het uitleggen. Kijk, in de vroege lente en in de herfst vind ik de zon prima en lukt het me zelfs om er in te blijven zitten. Zonder zon zouden we hier natuurlijk niet eens rond kunnen lopen. Een (goede) zomer is ook best wel leuk wanneer je de mazzel hebt een zwembad te bezitten, dichtbij het strand woont (zodat je niet eerst tig uur in de file hoeft), of gewoon permanent vakantie hebt, zodat je tijd over hebt om die dingen te doen die bij de zomer komen kijken en waar ik nooit voldoende tijd voor heb (lees :maak). Want inmiddels moet er namelijk hard gewerkt worden, wil ik me ’n beetje in zomerkledij kunnen vertonen. Laat staan in bikini! Het kopen alleen al van zo’n onding is een meedogenloze onderneming en bezorgt me slapeloze nachten. En dan dat gevoel dat je voortdurend zonodig ‘leuk’ naar buiten moet, omdat je anders misschien wat mist en eigenlijk heel zielig bent. Gezellig een terrasje ‘pikken’, voor de zoveelste keer door die grachten varen of – nog erger – met vrienden bár- bé-cuén? Laat mij met rust! En na de zoveelste zwoele avond begint het me allemaal echt te irriteren.Dan ben ik klaar met dat eindeloze gegons op ál die terrassen tot diep in de nacht en met die dronken krijsende types op ál die boten die van geen ophouden weten. Vooral wanneer je, zoals ik, in hartje centrum van Amsterdam woont. Dan wil ik dat iedereen weer ‘z’n hol in gaat – ik voorop – en  dat het stil wordt. Om me heen en in mezelf. Zodat ik zonder schuldgevoel en ongegeneerd al om een uur of negen (of nog vroeger) onder de wol kan. Gewapend met een boek en m’n hond, want manlief krijg ik dan echt nog niet mee! Dát is mijn ‘Moccona-moment’ maar dan met (kamille)thee. Dan sluit ik de wereld even achter me en bevind ik me in een soort vacuüm van opperste gelukzaligheid, waarin ik even niks meer hoef, behalve wat lezen en wegdromen totdat ik na twee regels lezen – helaas - meestal echt wegdroom.
Met dit verhaal schaar ik me waarschijnlijk bij een absolute minderheid. Gelukkig heb ik één vriendin die er net zo over denkt. Wij sturen elkaar lyrische sms-jes wanneer we de herfst in de lucht beginnen te ruiken en het weer vroeg begint te donkeren. Wij weten wel waarom de grootste componisten en schrijvers uit de koudere landen zijn voortgekomen, want van warmte wordt je lui en van de zon krijg je toch alleen maar rimpels. Vanaf 21 december gaan de dagen alweer lengen. Ik ga dus nog even genieten voordat m’n voorjaarsdepressie de kop weer opsteekt.