In het spoor van de boter

Ruim vier jaar geleden kochten we ons droomhuis: een benedenhuis aan de Amsterdamse Amstel, dat we tot op de laatste splinter hebben verbouwd. Onze ziel en zaligheid hebben we erin gestopt. Net zoals onze laatste centen. Geld beleggen in een huis waarin we konden leven en iedere dag van konden genieten leek toen een zoveel beter besluit dan het op één of andere wankelende bank te zetten. En dat bleek ook zo. We wonen op één van de mooiste plekken van Amsterdam en de ohh’s en ahh’s van een ieder die op bezoek komt laten we ons dagelijks welgevallen. Leuk hoor, zo prachtig en ‘op stand’ wonen, maar wat koop je eigenlijk voor? Nou steeds minder kwamen we al snel achter, want een groot huis (met idem tuin) kost uiteindelijk een berg aan vaste lasten én zorg, zodat we onze dromen langzaam zagen veranderen in geploeter. En ondertussen raakte ik ook nog eens geheel in de ban van het  downsizen, wat natuurlijk niet meer viel te combineren met ons Amstelijke stulpje. Verkopen dus maar. Tegen alle adviezen van iedereen in. Het was immers de slechtste tijd om dit te doen en zó’n huis vonden we nóóit meer….Nee hè hè, dat hoeft ook niet, want ons nieuwe motto is: klein wonen, groot leven. Zonder lasten met meer tijd en ruimte voor de lusten. En aangezien angst nog altijd de slechtste raadgever is en vertrouwen het nieuwe toverwoord, gingen we ervoor. Het artikel over tiny homes in de vorige Salt was daarom ook koren op mijn molen. Dat het nog tiny-er kon, bewezen Sjaak, Olivier en Jeroen: drie jonge enthousiaste koks die op een dag besloten de restaurantmuren achter zich te laten en de wereld introkken met hun ‘Gastrovan’: een camper die ze inrichtten met een aantal onmisbare keukenattributen, inclusief uitvouwbare buitenkeuken, terras en een kruidentuin.

"Zonder enig plan volgden
ze hun weg, waarbij ze zich slechts lieten leiden door
hun passie"

Zonder enig plan volgden ze hun weg, waarbij ze zich slechts lieten leiden door hun passie voor koken. Hun eerste bestemming was Zeeland en daarna reden ze domweg richting oorsprong van hun favoriete recepten. Dat resulteerde in een culinaire veldtocht door Nederland, Frankrijk en Spanje waarmee ze de grensoverschrijdende  kracht van liefde voor lekker eten ontdekten. Overal werd het enthousiaste en ontwapenende drietal hartelijk onthaald. In ruil daarvoor vertoonden zij hun kookkunsten, waarbij ze zich lieten inspireren door de lokale producten, gerechten en smaken. Waar ze kwamen werd het feest en maakten ze ‘blije mensen’. Hun ervaringen, recepten met foto’s zijn op  weergaloze wijze gebundeld in hun boek ‘Gastrovan. Met je neus in de boter’ waar ik deze week een recensie-exemplaar van kreeg opgestuurd. Een (stoer) kookboek om jezelf in te verliezen en inderdaad heel blij van te worden. Want los van alle geweldige recepten, is het vooral het gevoel van vrijheid, plezier en creativiteit dat van iedere pagina afspat! Net zoals de onderliggende boodschap van durven loslaten met het vertrouwen dat je uiteindelijk toch wel met je neus in de boter valt. Bij terugkomst vragen ze zich vertwijfeld af waarom ze in godsnaam nog huur zouden betalen voor een huis dat geen kant op kan? Maar hun reis is nog steeds niet afgelopen: ze plukken er nu nog dagelijks de vruchten van en doen fantastische dingen.
En ons huis is inmiddels verkocht. Nog even en de wereld ligt weer aan onze voeten. Maakte ik me tot voor kort nog zorgen over de te hoog uitgevallen energie-rekening, lig ik nu weer wakker over waar we zullen gaan wonen. Het ene moment zie ik mezelf op een bovenetage met een dakterras, dan weer beneden met een tuintje. Of dan toch maar dat boerderijtje in het Oosten des lands, alhoewel we ook zomaar naar het buitenland zouden kunnen verkassen…. Te veel keuzes. Daar ga ik weer!  Dus waarom niet een camper inderdaad? Kunnen we eerst eens wat rondrijden, totdat ook wij ergens met ons neus in de boter vallen. Daar moet ik dan maar op vertrouwen.

Gastrovan.nl